Waarom is wol niet veganistisch?

Je hebt vast wel eens schapen zien grazen in een grasveldje. En misschien heb je zelfs wel eens een schaapscheerdersfeest meegemaakt waarbij schapen op traditionele wijze geschoren worden. Veel mensen denken daarom dat er niks mis is met wol. De productie van wol blijkt helaas heel anders te zijn dan de meeste mensen zich voorstellen en absoluut niet diervriendelijk.

Wol ‘groeit’ niet in Nederland

Een belangrijke reden waarom mensen een verkeerd beeld hebben van de wolindustrie is omdat we daar eigenlijk nooit iets van zien. Schapen worden in Nederland namelijk vrijwel alleen gehouden voor het vlees. Schapen houden voor wol is in Nederland niet echt rendabel en de schapen die hier gehouden worden, zijn vaak ook een ras wat niet echt veel wol produceert. De schapen die je hier in een weiland ziet lopen, hebben dus niks te maken met wollen kleding die hier te koop is. Alle wollen producten die je in Nederland koopt, zijn dus in het buitenland geproduceerd.

Wol uit Australië en Nieuw-Zeeland

Het overgrote deel van de wolproductie gebeurt in Australië (145 miljoen schapen) en Nieuw-Zeeland (60 miljoen schapen). Australië produceert zelfs 80% van de merino wol, de meest gebruikte soort wol. Helaas staat de wolproductie in Australië erom bekend enorm dieronvriendelijk en wreed te zijn. In Nieuw-Zeeland, de Verenigde Staten en het Verenigd Koninkrijk is het niet veel beter. Alle onderstaande informatie geldt voor al deze landen, tenzij anders aangegeven.

Schapen fokken

Het verschilt per bedrijf of schapen er op natuurlijke wijze gefokt worden of door middel van kunstmatige inseminatie. Hoewel fokken eigenlijk altijd pijnlijk en dieronvriendelijk is, wordt kunstmatige inseminatie vaak op een vrij zieke manier gedaan. Schapen worden vastgezet in een speciale machine zodat ze lange tijd niet kunnen bewegen terwijl ze sperma ingespoten krijgen en op de rug liggend in de machine geklemd moeten wachten. Hier zijn ook filmpjes van op internet te vinden, maar wij raden je aan die niet te bekijken, want het is behoorlijk ziek.

Daarnaast proberen fokkers soms de bevruchting zo te manipuleren dat schapen tweelingen of meerlingen krijgen en ze zo dus sneller meer schapen hebben. Dit en andere fokmethodes vergroten echter wel het risico op miskramen. Daarnaast heeft een schaap maar twee tepels, waardoor het maximaal voor twee lammeren tegelijk kan zorgen. Als het meer dan twee schapen krijgt, wordt de derde eigenlijk altijd verstoten en andere vrouwelijke schapen willen eigenlijk nooit voor lammeren van anderen zorgen. Het gebeurt daardoor regelmatig dat zo’n derde schaap overlijdt omdat het geen eten krijgt. Niet alleen hierdoor is de sterfte onder lammeren vaak vrij groot. In het Verenigd Koninkrijk gaat bijvoorbeeld 15% van de lammeren dood.

Castratie en het couperen van de staarten

In alle wol producerende landen worden de mannelijke lammeren een paar weken na de geboorte gecastreerd. Dit wordt meestal gedaan door een rubberen ring rond de ballen te leggen die de bloedtoevoer stopt. Hierdoor sterven de ballen vanzelf af en is er dus geen moeilijke medische ingreep nodig. Dit is echter wel een enorm pijnlijk proces en dus zeker niet de meest diervriendelijke methode van castratie. Ook wordt dit vrijwel altijd gedaan zonder verdoving omdat dat nergens wettelijk verplicht is. Tegelijk met het castreren, worden de staarten van alle schapen (dus ook de vrouwtjes) verwijderd. Dit gebeurt ook met een ring, die net als bij de castratie de bloedtoevoer stopt, waardoor de staart afsterft en na ongeveer een week eraf valt. Ook het couperen is erg pijnlijk en wordt bijna altijd zonder verdoving gedaan.

Waarom moet die staart er dan af?

De reden dat de staarten gecoupeerd worden, is omdat veel schapen last hebben van vliegen. Schapen die gefokt worden voor wolproductie hebben een enorm dikke vacht waardoor die eigenlijk altijd vies is. Uitwerpselen en urine blijven aan de wol hangen en rondom hun achterwerk hebben schapen ook nog eens huidplooien. Vooral het achterwerk en de achterpoten zijn hierdoor ideale plekken voor vliegen om eitjes te leggen. Dit veroorzaakt de ziekte Myasis waarbij de duizenden maden die net uit het ei gekomen zijn het levende schaap opeten en zo voor veel pijn en verwondingen zorgen. Daarnaast gaat het schaap uit frustratie zichzelf vaak bijten waardoor nog meer verwondingen ontstaan. Zo kan Myasis soms zelfs lijden tot het sterven van schapen. Er zijn op het internet veel afbeeldingen en filmpjes te zien van Myiasis bij schapen, maar ook hier raden we je aan dit niet op te gaan zoeken, want dit is echt enorm smerig en traumatiserend.

Om deze ziekte te beperken wordt de staart verwijderd, omdat de vliegen onder andere graag onder de staart hun eieren leggen. Toch lijdt 80% van de staartloze schapen nog steeds aan Myasis (en omdat het dus geen nut heeft, is het couperen van schapenstaarten voor de meeste schapensoorten sinds 2007 in Nederland verboden). De enige oplossing voor Myiasis is om de wol rond het achterwerk deels weg te knippen, ze te behandelen met bepaalde bestrijdingsmiddelen en het gebruik van medicatie, maar deze oplossingen zijn allemaal duur en tijdrovend.

In Australië: mulesing

In Australië gaan ze nog een stapje verder om de bovenstaande problemen met vliegen en de ziekte Myasis op een zo goedkoop mogelijke manier op te lossen, namelijk mulesing. Dit betekent dat niet alleen de staart verwijderd wordt, maar dat gewoon de hele plooiende huid van het achterwerk en de achterpoten én de staart weggesneden worden. Dit gebeurt zonder verdoving en is dus enorm pijnlijk voor de lammeren. Daarnaast zijn er geen wettelijke regels voor deze procedure, dus kunnen de mensen die dit doen zelf besluiten hoe diep en ver ze snijden en hoe ze daarna de wonden eventueel behandelen. Aangezien dit vaak tegelijk gebeurt met het castreren, worden in Australië soms ook de ballen gewoon meteen weggesneden. Australië beloofde om in 2010 met mulesing te stoppen, maar dit is nog steeds niet gebeurd en elk jaar moeten tien miljoen lammetjes deze pijnlijke procedure ondergaan.

“Sheep stations”

De zogenaamde sheep stations zijn enorme stukken land van soms wel duizenden vierkante kilometers waarop schapen gehouden worden voor wolproductie. Zoals je je misschien wel kunt bedenken bij zulke grote bedrijven, is de eigenaar vaak niet zelf degene die voor de schapen zorgt. Het zorgen voor deze schapen is geen populaire baan omdat je daarvoor vaak in the middle of nowhere moet verblijven. Daarom wordt dit werk vaak gedaan door jonge, tijdelijke krachten, die dit gewoon mogen doen zonder opleiding of ervaring met schapen.

Omdat deze mensen vaak voor duizenden schapen moeten zorgen in een groot gebied, komt het regelmatig voor dat ziektes, verwondingen of sterfgevallen veel te laat of niet ontdekt worden. Er is nou eenmaal niet genoeg mankracht om goed voor de dieren te zorgen. Ook gaan schapen regelmatig dood door honger of extreme weersomstandigheden. Helaas gaat het er op kleine schapenhouderijen vaak niet beter aan toe. Uit onderzoek in Engeland en Schotland bleek dat ook daar bijna altijd gewonde of zieke dieren in de kudde zitten en niet behandeld worden, ondanks dat de kuddes daar aanzienlijk kleiner zijn dan in landen als Australië.

En het scheren van de wol dan?

Van nature hoeven schapen niet geschoren te worden. Ze hebben wol om zichzelf te beschermen tegen verschillende weersomstandigheden. In de winter is hun wol dikker en in de zomer verliezen ze beetje bij beetje wol waardoor ze een dunnere vacht krijgen.

Helaas moeten de meeste schapen tegenwoordig wél geschoren worden. Dat komt omdat ze zo gefokt worden dat ze een onnatuurlijk dikke en zware vacht hebben. Hierdoor lijden veel schapen met warm weer onder hun enorm dikke vacht die ze niet kwijt kunnen raken. Deze schapen die speciaal voor hun wol gefokt zijn, moeten wel door mensen geschoren worden. Dit scheren kan voor problemen zorgen. Zo gebeurt het vaak dat schapen te vroeg geschoren worden, terwijl het buiten nog vrij koud is en daardoor doodgaan van de kou. Hierdoor gaan alleen in het Verenigd Koninkrijk elk jaar al duizenden lammeren dood.

Ook is het scheren zelf bepaald geen pretje. Scheerders krijgen betaald per kilo wol, dus is het in hun voordeel om zo snel mogelijk te scheren. Dit levert vaak veel verwondingen op en regelmatig worden er stukken huid mee geschoren. Alleen de grootste verwondingen worden dichtgenaaid en dit gebeurt eigenlijk altijd onverdoofd.

Daarnaast gebeurt het vaak dat scheerders geweld gebruiken om de schapen stil te houden. YouTube staat vol met tientallen filmpjes die laten zien hoe scheerders met schapen gooien en ze zo hard mogelijk slaan en trappen. Soms zelfs tegen het hoofd. Hierdoor zijn er onder andere in Australië ook meerdere scheerders aangeklaagd en veroordeeld. De straffen zijn helaas heel laag – ze mogen geen schapen meer scheren en krijgen een kleine geldboete.

Het slachten van de wolschapen

Als schapen ouder worden, beginnen ze minder wol te produceren. In de natuur worden schapen gemiddeld 17 jaar oud. In de wolindustrie halen ze de 6 jaar vaak niet eens. Ze worden geslacht. In Australië en Nieuw-Zeeland worden bijna alle schapen naar het Midden-Oosten gebracht voor de slacht, maar ook in andere landen (waaronder het Verenigd Koninkrijk, maar ook vleesschapen in Nederland) is dit niet ongebruikelijk.

Vaak wekenlang staan de schapen in vrachtwagens. De eet- en drinkvoorzieningen onderweg zijn natuurlijk erbarmelijk. De schapen zitten veel te dicht op elkaar gestapeld en ze lijden onder de weersomstandigheden. Veel schapen overleven het transport niet. Aangekomen in landen als het Midden-Oosten worden ze bijna altijd onverdoofd geslacht.

De invloed van wol op het milieu

Men denkt vaak een goede keuze te maken door voor wol te gaan. Het is tenslotte een ‘natuurlijk’ product. Het zal inmiddels wel duidelijk zijn dat de productie van wol bepaald niet diervriendelijk is. Daarbij komt dat het ook niet goed is voor het milieu. De productie van wol kost namelijk enorm veel land en water. Daarnaast zorgen al die honderden miljoenen schapen ook voor de uitstoot van veel broeikasgassen.

Verder worden er vaak pesticiden en andere chemicaliën op schapen gebruikt om het aantal insecten te beperken. Dit komt ook in de natuur terecht en bij het verwerken van de geschoren wol wordt dit eruit gewassen en komt het ook weer in oppervlaktewater terecht. Zo zorgt het dus ook voor vervuiling. Daarnaast wordt er vaak veel gejaagd in gebieden met veel schapen om de schapen te beschermen tegen bijvoorbeeld coyotes of vossen, wat de natuurlijke levensloop in de war brengt.

Kies dus liever niet voor wol. Veel andere materialen zijn een veel milieuvriendelijkere en duurzamere keuze.

Bronnen gebruikt voor dit artikel:

PETA, Bont voor Dieren, Viva!, Milieucentraal

https://www.ruralco.co.nz/

Tags:

Ken jij iemand die alles over het veganisme, dierenrechten en het milieu weet en daarnaast ook nog eens vloeiend Mandarijn spreekt? Maak kennis met Elise... en haar 3 lieve katten. Meer blogs lezen…

Elise

Blogger